Geen ‘gelijk loon voor gelijk werk’ voor chauffeurs

Op 28 februari hebben het Europees Parlement en de EU-lidstaten overeenstemming bereikt over de richtlijn inzake de detachering van werknemers. Terwijl velen vieren, zijn de werknemers in de sector van het vervoer over de weg opnieuw teleurgesteld. Het werd nu bevestigd: het wegvervoer zal worden uitgesloten van de nieuwe detacheringsregels die gelijke beloning voor werknemers garanderen, ongeacht waar ze vandaan komen. 
Door het beginsel van gelijke beloning voor gelijke arbeid van gelijke waarde te erkennen, maakt de herziening van de richtlijn een einde aan de concurrentie op de arbeidskosten tussen plaatselijke werknemers en gedetacheerde werknemers. Werknemers hebben voortaan recht op hetzelfde bezoldigingsniveau als de werknemers in de lidstaat die hun activiteit onderbrengt. Deze overeenkomst is over het geheel genomen ontegenzeggelijk een stap voorwaarts voor de Europese werknemers. Met deze ontwerprichtlijn wordt eindelijk het beginsel bevestigd dat gelijke arbeid gelijk loon verdient. Het is ook een overwinning voor de vakbeweging: een erkenning van wat we al jaren eisen, en tekenen dat onze acties succesvol zijn geweest bij het bepalen van de agenda over de detachering van werknemers. 
Maar chauffeurs van het vervoer over de weg zijn uitgesloten van deze nieuwe richtlijn. Deze situatie is grof oneerlijk. Professionele chauffeurs zullen alleen recht hebben op een minimumloon, en niet hetzelfde loon als lokale werknemers. En eigenlijk is het nog erger. De EU-instellingen bereiden een grondige herziening van de regelgeving voor het wegvervoer voor, het zogeheten "mobiliteitspakket". Ze bespreken momenteel vrijstellingen van het minimumloon voor autobus-, touringcar-en vrachtwagenchauffeurs - althans voor een aantal dagen per maand. 
Gedetacheerde werknemers een loon betalen volgens de normen van hun land van herkomst is een discriminerende praktijk die de vakbonden in heel Europa jaren geleden hebben weten te weren. We riskeren nu dat het in het wegvervoer wordt gelegaliseerd. Verder bepaalt de nieuwe richtlijn dat bedrijven uit alle sectoren de kosten moeten dekken van de reis en het verblijf van de werknemers die naar een ander EU-land worden gedetacheerd. Ook hier is een uitzondering gemaakt voor de chauffeurs in het wegvervoer. Nogmaals, waarom het verschil in behandeling? 
Dit is bovendien niet coherent met de voorstellen van het mobiliteitspakket. In een poging om de arbeids-en sociale omstandigheden in het wegvervoer te verbeteren, voorziet de Europese Commissie maatregelen om bestuurders in staat te stellen om de drie weken naar huis te gaan. Maar wie zal dat betalen? In het voorstel wordt dit niet vastgelegd en de nieuwe detacheringsregels zijn niet van toepassing op de sector. 
Eduardo Chagas, ETF-secretaris-generaal zei dat "de ETF bezig is met een Fair transport campagne voor kwaliteitsvolle banen in Europa. De Europese wegen en snelwegen zitten vol met uitbuiting en loondiscriminatie. Duizenden onbeschermde professionele chauffeurs leven hun leven op parkings. Door het wegtransport uit te sluiten van het beginsel van gelijke beloning gebeurt er niets om dit probleem op te lossen." 
Roberto Parrillo, voorzitter ETF Road, voegde eraan toe: "Als de EU-wetgevers fatsoenlijk werk en veiligheid op onze wegen echt belangrijk vinden, dan moeten ze het wegvervoer dezelfde detacheringsregels geven als alle andere sectoren. Anders zal het duidelijk zijn dat de recente ontwikkelingen – waaronder de druk van sommige lidstaten om het wegvervoer volledig uit te sluiten van alle detacheringsregels – niets anders zijn dan een poging om sociale dumping te legaliseren. "