Bezoldiging nieuwe arbeidsregelingen

De cao van 13 juni 2005 biedt aan de werkgevers de mogelijkheid om een systeem van flexibiliteit in te voeren. Deze 'nieuwe arbeidsregelingen' moeten als bijlage aan het arbeidsreglement worden gevoegd en zijn enkel mogelijk voor voltijdse werknemers.
De betrokken werknemers moeten vanwege de werkgever het volgende ontvangen:
  • De verhuizerskaart;
  • het prestatieblad zoals voorzien door de cao van 09/12/1988;
  • de loonfiche zoals voorzien door de cao van 13/06/2005 (arbeidsduur). Naast het prestatieblad gelden ook de tachograafgegevens als registratiebasis.
Bovendien moeten de werknemers minimum 24u op voorhand op de hoogte gebracht worden van het toepasselijk uurrooster, met vermelding van de aanvangsdatum, aanvangsuur en de vermoedelijke duur van de opdracht. Wijzigingen mogen tot 12u voor de toepassing worden medegedeeld.
Het gebruik van de flexibele arbeidsregeling kan ook tot gevolg hebben dat een dag die volgens de normale uurregeling een rustdag is, een werkdag wordt (bijvoorbeeld een zaterdag).

Gewaarborgd loon

  • Per dag minimum 4 u arbeidstijd.
  • Per week minimum 38 u arbeidstijd.

Maximumprestaties

  • Maximum 10u arbeidstijd/dag;
  • maximum 50u arbeidstijd/week;
  • maximum 988u arbeidstijd/6 maanden (38 x 26 weken).
 
  • Maximum 14u diensttijd/dag;
  • maximum 65u diensttijd/week;
  • maximum 1.492u diensttijd per (57 x 26 weken)/6 maanden inclusief de gelijkgestelde dagen.
In de loop van de referteperiode mag een krediet van 65 extra uren (boven het gemiddelde van 38u/week niet overschreden worden.

Gemiddelde wekelijkse arbeidstijd

De gemiddelde arbeidsduur mag niet meer zijn dan 38 uur (zoals voorzien in de normale uurregeling opgenomen in het arbeidsreglement) over een referteperiode van 6 maanden: (988 uur).
De 2 referteperiodes per jaar worden vastgelegd als volgt: 
  • van 1 februari tot 31 juli;
  • en van 1 augustus tot 31 januari
  • pro rata bij instap in de loop van de referteperiode of bij contracten van bepaalde duur
De arbeidsduur van de 2 referteperiodes (van 01/02 tot 31/07 en van 01/08 tot 31/01) bevat:
  • de effectief gepresteerde arbeidsuren;
  • de rustdagen voor arbeid op een feestdag of de rustdagen vastgelegd krachtens een cao;
  • de periodes van schorsing van de uitvoering van de arbeidsovereenkomst (technische stoornis, slecht weer, economische werkloosheid, arbeidsongeschiktheid, verlof, …);
  • de bijkomende inhaalrustdagen toegekend in plaats van de uitbetaling van een overloontoeslag (1).
 
(1) In dit geval geeft elk uur overwerk dat met een toeslag van 50% moet betaald worden, minstens recht op een half uur inhaalrust en elk uur dat met een toeslag van 100% moet betaald worden op een uur inhaalrust.
 

Niet-gepresteerde uren

De niet-gepresteerde uren waarvoor wel loon werd uitbetaald in het kader van de gewaarborgde arbeidsduur per week van 38u, worden in mindering gebracht van de diensttijd boven deze grens van 38u, maar met behoud van de regeling ter zake (overloon, flexibiliteitpremie, aanwezigheidspremie, …).

Zondagsarbeid

In het regime van de nieuwe arbeidsregelingen mag een arbeider zonder toelating van het paritair comité vervoer arbeid verrichten op zondag, maar dit enkel op vrijwillige basis, behalve in geval van overmacht of dreigend ongeval.
De compenserende rusttijd voor arbeid op zon- en feestdagen moet binnen de 8 weken volgend op de gepresteerde zon- of feestdag opgenomen worden.

Intern overurenkrediet

Om te vermijden dat teveel extra uren in de loop van het jaar ontstaan, mag in de loop van het refertejaar een krediet van 65 extra uren nooit worden overschreden.

Overloon

De uren die boven de maximale arbeidstijd per dag en per week gepresteerd worden, evenals de uren die boven de maximale diensttijd per dag en per week gepresteerd worden geven aanleiding tot overloon:
  • Boven 10u arbeidstijd/dag
  • Boven 50u arbeidstijd/week
  • Boven 988u arbeidstijd/6 maanden (38 x 26 weken)
 
  • Boven 14u diensttijd/dag
  • Boven 65u diensttijd/week
  • Boven 1492u diensttijd per (57 x 26 weken)/6 maanden
Overloon op gewone werkdagen à 150%.
Overloon voor zon- en feestdagen à 200%.
 

Flexibiliteitsvergoeding

Bij het toepassen van een nieuw arbeidsstelsel (flexibiliteit) wordt per dienstuur boven de 38 uur per week dat geen beschikbaarheidsuur is en waarop geen overloon dient betaald te worden een flexibiliteitpremie toegekend.
Deze bedraagt (vanaf 01/11/2011) 2,93 euro en is niet cumuleerbaar met de verwijderingsvergoeding.

Quotum overuren

De cao van 30/09/2005 bepaalt het quotum overuren waarvoor de werknemer kan kiezen om ze niet in te halen, maar te laten uitbetalen verhoogd van 65 tot 130 uren (boven de gemiddelde arbeidsduur) per kalenderjaar.
Dit betreft enkel de overuren die het gevolg zijn van een buitengewone vermeerdering van werk (uitzonderlijk) of arbeid vereist wegens een onvoorziene noodzakelijkheid.

Alternatieve uurregelingen

Alternatieve uurregelingen zijn mogelijk, maar de arbeiders moeten hiervan minimum 24u op voorhand op de hoogte gebracht worden. Indien dit niet tijdig gebeurt, blijft de uurregeling voorzien in het arbeidsreglement van toepassing.
Tijdens een periode dat een alternatieve uurregeling wordt toegepast, blijft de werknemer betaald op basis van de gewone uurregeling. Alle uitbetaalde, maar niet gepresteerde uren worden dan in mindering gebracht van het totaal aantal uren van de volgende maand die boven de gemiddelde maandbasis van 38 uren per week, werden gepresteerd.