Gemeenschappelijke voordelen

Deze gemeenschappelijke voordelen gelden zowel voor rijdend, niet-rijdend als garagepersoneel van de subsector goederenvervoer en logistiek.

Tussenkomst verplaatsingskosten

  • Verplaatsing met openbaar vervoer:
De werkgever betaalt aan zijn werknemers die op 5 km en verder van hun werkplaats wonen, minstens 1x per maand, 75 % terug van het sociaal abonnement (trein) voor de corresponderende afstand heen en terug.
De exacte bedragen vindt u verder in dit infoboekje.
  • Verplaatsing met privé-vervoer:
De werkgever betaalt aan zijn werknemers die op 5 km en verder van hun werkplaats wonen, minstens 1x per maand, 60 % terug van het sociaal abonnement (trein) voor de corresponderende afstand heen en terug.
De exacte bedragen vindt u verder in dit infoboekje.

Anciënniteitstoeslag

  • Na 1 jaar dienst in het bedrijf:    + 0,0515 euro
  • Na 3 jaar dienst in het bedrijf:    + 0,1055 euro                        
  • Na 5 jaar dienst in het bedrijf:    + 0,1595 euro   
  • Na 8 jaar dienst in het bedrijf:    + 0,2135 euro
  • Na 10 jaar dienst in het bedrijf:    + 0,2675 euro
  • Na 15 jaar dienst in het bedrijf:    + 0,3215 euro
  • Na 20 jaar dienst in het bedrijf:    + 0,3755 euro
De werkgever betaalt deze toeslag op alle gepresteerde uren arbeids- en/of beschikbaarheidstijd/wachttijd vanaf de maand waarin de vereiste anciënniteit werd bereikt.
De anciënniteitstoeslag wordt jaarlijks op 1 januari aangepast in functie van de levensduurte.

Loon niet-gewerkte feestdag

Feestdagloon = gemiddeld uurloon x het aantal verloren arbeidsuren zoals vermeld in het uurrooster opgenomen in het arbeidsreglement.
 
Het loon voor een niet-gewerkte feestdag wordt berekend op basis van het gemiddelde dagloon, dat bekomen wordt door alle aan RSZ-gebonden loonbestanddelen van de laatste 6 maanden, uitgezonderd het gelijkgestelde loon, te delen door het aantal bruto bezoldigde dagen (gepresteerd tijdens deze laatste 6 maanden) uitgezonderd alweer de gelijkgestelde dagen.
Dit gemiddeld dagloon wordt vermenigvuldigd met het aantal gewerkte dagen in een trimester, dus 65 (vijfdagenweek) of 78 (zesdagenweek) en vervolgens gedeeld door 13 weken. Zo bekomt men het gemiddelde weekloon.
Het gemiddeld weekloon wordt gedeeld door 38u (voltijdse tewerkstelling) of door de arbeidsduur van de werknemer vermeld in zijn/haar arbeidscontract (deeltijdse tewerkstelling). Zo bekomt men het gemiddelde uurloon.
 
* de bruto bezoldigde dagen:
- de dagen waarop normale arbeid wordt verricht
- de dagen inhaalrust
 
* de laatste 6 maanden:
- de laatste 6 kalendermaanden voorafgaand aan de maand waarin de feestdag valt
 
* alle aan RSZ-gebonden loonbestanddelen:
- loon voor alle vormen van arbeid, inclusief overloon
- beschikbaarheidsvergoeding
- alle bruto premies uitgezonderd de eindejaarspremie
 

Eindejaarspremie

5% van de effectief aangegeven brutolonen (gelijkgestelde dagen inbegrepen) verdiend in de periode tussen 01.07 van het voorgaande jaar en 31.06 van het lopende jaar bij één of meerdere werkgevers van de sector. Indien de minimumgrens van 3.718,40 euro niet bereikt is, wordt de premie niet toegekend. 
 
Deze premie wordt u rechtstreeks door het sociaal fonds uitbetaald
 

Syndicale premie

De syndicale premie bedraagt 130 euro.
Voorwaarden:
  • gedurende de referteperiode, van 01.07.2012 tot en met 30.06 2013, lid zijn van ACV-Transcom
  • op het moment van de uitbetaling lid zijn van ACV-Transcom
  • ofwel  ieder kwartaal van de referteperiode voorkomen op de RSZ-aangifte van een werkgever uit de sector met minstens volgende prestaties:
            - 42 arbeids- en/of gelijkgestelde dagen in de 5-dagenweek
            - 50 arbeids- en/of gelijkgestelde dagen in de 6-dagenweek
  • ofwel in de referteperiode aan de RSZ aangegeven zijn met een brutoloon van minstens € 3.718,40 door één of meerdere werkgevers uit de sector.
Betaling:   
De syndicale premie wordt u rechtstreeks door ACV-Transcom uitbetaald. De rechthebbenden ontvangen jaarlijks (meestal samen met de documenten voor hun eindejaarspremie) een legitimatieformulier voor de syndicale premie van het Sociaal Fonds Transport en Logistiek. Betaling kan slechts gebeuren indien u voldoet aan de voorwaarden en dit legitimatieformulier op één van onze secretariaten of dienstencentra binnenbrengt.
 

Bijkomende ziekte-uitkering (vanaf 01/01/2014)

Bedrag:
  • na 60 kalenderdagen: 92.99 euro 
  • na 120 kalenderdagen: + 92.99 euro
  • na 180 kalenderdagen: + 92.99 euro
  • na 240 kalenderdagen: + 92.99 euro
  • na 360 kalenderdagen: + 92.99 euro
  • maximum totaal: 464,95 euro
Voorwaarden:  
  • ten minste 60 dagen ononderbroken arbeidsongeschikt zijn ingevolge ziekte of ongeval (geen arbeidsongeval of beroepsziekte)
  • ten minste 1 jaar ononderbroken in dienst zijn van één of meerdere werkgever van de sector bij de aanvang van de ongeschiktheid
  • de primaire arbeidsongeschiktheidsuitkeringen genieten 
Betaling:                  
Deze uitkering wordt betaald door de werkgever die de betrokken bedragen via een daartoe bestemd aanvraagformulier kan terugvorderen bij het sociaal fonds. De bijkomende uitkering wegens ziekte wordt jaarlijks op 1 januari aangepast aan de levensduurte.
 

Afscheidspremie

De afscheidspremie bedraagt 86 euro (bruto) 
Voorwaarden:       
  • tewerkgesteld zijn bij een werkgever uit de sector bij de aanvang van het ouderdomspensioen of brugpensioen
  • tijdens de laatste 10 jaar tenminste 5 jaar bij één of meerdere werkgevers van de sector tewerkgesteld zijn geweest
Betaling:      
Deze premie wordt betaald door uw werkgever die het betrokken bedrag via een daartoe bestemd aanvraagformulier kan terugvorderen bij het sociaal fonds.
 

Vergoeding dodelijk arbeidsongeval of overlijden op het werk

Bedrag:
3718,40 euro
 
Voorwaarden:
op het ogenblik van het ongeval of overlijden op het werk, in een onderneming van de sector werken
 
Betaling:
Via formulier 'aangifte van een dodelijk arbeidsongeval of overlijden op het werk', te verkrijgen via de werkgever waarbij de betrokkene laatst in dienst was. De premie wordt betaald aan de persoon die de begrafeniskosten draagt.
 

Brugpensioen 56 jaar

Aanvullende vergoeding: 
de helft van het verschil tussen het netto referteloon en de werkloosheidsuitkering.
 
Voorwaarden:      
  • ontslagen zijn door de werkgever, behalve om dringende redenen
  • uitdrukkelijk te kennen geven dat je van het brugpensioen wil genieten.
  • Ofwel 33 jaar in loondienst gewerkt hebben, waarvan 20 jaar nachtarbeid in de zin van de cao n° 46 van de NAR (Nationale Arbeidsraad)
  • Ofwel een beroepsverleden van 40 jaar kunnen bewijzen, waarvan 78 arbeidsdagen gepresteerd zijn voor je 17de verjaardag (hetzij met volledige RSZ-bijdragen hetzij als leerling)  en dit in de zin van de CAO n° 92 van de NAR
     

Brugpensioen 58 jaar

Aanvullende vergoeding: 
de helft van het verschil tussen het netto referteloon en de werkloosheidsuitkering.
 
Voorwaarden:      
  • ontslagen zijn door de werkgever, behalve om dringende redenenuitdrukkelijk te kennen geven dat je van het brugpensioen wil genieten.
  • uitdrukkelijk te kennen geven dat je van het brugpensioen wil genieten.
Voor het brugpensioen vanaf 58 jaar: 
  • 38 jaar beroepsloopbaan als werknemer kunnen rechtvaardigen (35 jaar voor de vrouwelijke werknemers) (tot 31/12/2014)
  • Ook mogelijk voor mindervalide personen of arbeiders met ernstige lichamelijke problemen die een beroepsloopbaan kunnen bewijzen van 35 jaar, indien ze voldoen aan de   volgende bijkomende voorwaarden:
                            - Ofwel erkend zijn als invalide werknemer door de bevoegde instanties
                            - Ofwel een attest hebben ontvangen van het Fonds voor Arbeidsongevallen dat aantoont dat de arbeider erkend is als werknemer met ernstige lichamelijke problemen
                            - Ofwel een attest hebben ontvangen van het Fonds voor Beroepsziekten, dat aantoont dat de arbeider kan worden gelijkgesteld aan werknemers met ernstige lichamelijke problemen, meer bepaald omdat hij/zij rechtstreeks blootgesteld werd aan asbest voor 01.01.1993 en dit gedurende minimum 2 jaar (echter beperkt tot 1.200 personen op jaarbasis)
  • Ook mogelijk voor arbeiders met een zwaar beroep die een beroepsloopbaan van 35 jaar kunnen bewijzen, dit indien ze voldoen aan de volgende voorwaarden:
                            - Ofwel gedurende de laatste 10 jaar 5 jaar gewerkt hebben in een zwaar beroep
                            - Ofwel gedurende de laatste 15 jaar gewerkt hebben in een zwaar beroep.
Als zwaar beroep worden enkel erkend: Het werken in wisselende ploegen, onderbroken diensten of in stelsel van nachtarbeid (in de zin van cao 46)
 

Brugpensioen 60 jaar

Aanvullende vergoeding: 
de helft van het verschil tussen het netto referteloon en de werkloosheidsuitkering.
 
Voorwaarden:       
  • ontslagen zijn door de werkgever, behalve om dringende redenen
  • uitdrukkelijk te kennen geven dat je van het brugpensioen wil genieten.
Voor het brugpensioen vanaf 60 jaar : 
  • 35 jaar beroepsloopbaan als werknemer kunnen rechtvaardigen;
  • 28 jaar voor de vrouwelijke werknemers

Bagageverzekering

Bedrag: 1619,249 euro
Wat is verzekerd? 
  • de persoonlijke bezittingen die je meeneemt in je bedrijfsvoertuig tijdens je dienstopdracht en die beschadigd zijn ingevolge een verkeersongeval, een brand of een diefstal gepleegd met inbraak en dit indien je bagage zich buiten je gezichtsveld maar in een volledig afgesloten voertuig bevond.
     In Italië wordt diefstal met inbraak tijdens de nacht enkel gedekt op voorwaarde dat het voertuig is uitgerust met een erkend alarmsysteem dat op het ogenblik van de diefstal geactiveerd was
  • de bagage die je onder toezicht hebt en op het lichaam gedragen voorwerpen en kleding, indien de schade veroorzaakt werd door brand, een explosie of natuurkrachten (met inbegrip van waterschade)  of door diefstal met geweld
  • je persoonlijke voorwerpen tijdens een arbeidsongeval
Een aantal zaken vallen niet onder de waarborg: schade bijvoorbeeld door opzettelijke daden, dronkenschap, gebruik van verdovende middelen, …
Hoe ga je te werk?
In geval van schade onmiddellijk proces-verbaal laten opstellen door de plaatselijke overheid en binnen de 48 uren het Sociaal Fonds Transport en Logistiek verwittigen op het nummer 02/424.30.80. Zorg dat je de nodige documenten kunt voorleggen die noodzakelijk of nuttig zijn voor de behandeling van je dossier en dat je de aard en de omvang van de schade kunt bewijzen. Hou indien mogelijk dan ook de aankoopbewijzen van de gestolen of beschadigde bagage klaar indien deze uitgeschreven zijn op jouw naam. 
 

Bijstandscontract Europ Assistance

Medische bijstand aan chauffeurs en begeleiders:
  • Transport/repatriëring van de zieke of gewonde
  • Bezoek van een familielid (reiskosten)
  • Terugbetaling medische kosten in het buitenland (max. 5.000 euro)
  • Indien nodig chauffeur om vrachtwagen op te halen
Bijstandsverlening tijdens een opdracht:
  • verlies of diefstal van werkdocumenten of persoonlijke voorwerpen
  • Vertaaldienst
  • Bijstand bij gerechtelijke vervolging in het buitenland
  • Vervroegde terugreis wegens onvoorziene dringende familiale gebeurtenis
  • Doorgeven van dringende boodschappen naar aanleiding van gedekte gebeurtenis.
Bijstand aan verzekerde voertuigen
  • Organisatie van de pechverhelping/sleepdienst
  • Sturen van onderdelen en/of technicus
  • Terugreis van de chauffeur in afwachting van de herstelling (langer dan 2 dagen in België en dan 5 dagen in het buitenland)
  • Transport/repatriëring van het verzekerde voertuig
Wanneer je als chauffeur dringend nood hebt aan contant geld (met betrekking tot dienstopdracht) kan Europ Assistance het benodigde bedrag voorschieten. Bijvoorbeeld om een boete te kunnen betalen of om te kunnen tanken bij een defect van de tankkaart.
Hoe Europ Assistance contacteren voor bijstand?
  • bel 02/533 77 77 vanuit België, +32/2/533 77 77 vanuit het buitenland
  • fax 02/533 77 75 vanuit België, +32/2/533 77 75 vanuit het buitenland
Belangrijk: het contractnummer van het bijstandscontract is 7200000815. Dit moet u altijd vermelden bij aanvraag tot bijstand. Ook het RSZ-nummer van het bedrijf zal gevraagd worden.
  
 
 

Gratis hospitalisatie

Alle arbeiders uit de sector worden automatisch en gratis aangesloten bij de hospitalisatieverzekering van AG Insurance, voor zover zij sedert minstens 6 ononderbroken opeenvolgende maanden in dienst zijn geweest van één of meerdere werkgevers uit de sector. Je vindt de volledige polis terug op .......
De hospitalisatieverzekering werkt met een derdebetalersysteem. U ontvangt enkele weken na uw aansluiting een Medi-Assistance kaart, waarop de gegevens van de verzekeraar staan. U meldt zo spoedig mogelijk een voorziene ziekenhuisopname aan AG-Insurance (liefst 2 weken op voorhand). U ontvangt vervolgens een bevestigingsbrief (Hospipass). Deze brief  overhandigt u aan het onthaal van het ziekenhuis op de dag van de opname. Zo hoeft u niets voor te schieten en wordt de ziekenhuisfactuur rechtstreeks afgehandeld tussen AG Insurance en het ziekenhuis !
Uw recht op tussenkomsten via AG Insurance eindigt 6 maanden te rekenen vanaf het tijdstip waarop u niet meer in aanmerking komt, door bijvoorbeeld uitdiensttreding, volledige loopbaanonderbreking of tijdskrediet, tenzij u binnen deze periode van 6 maanden uw werk hervat of weder tewerkgesteld wordt in de sector.
Indien u het recht op de hospitalisatieverzekering verliest, mag u deze wel individueel verder zetten zonder verdere medische formaliteiten of bijpremies van zodra u gedurende de laatste 2 jaren ononderbroken was aangesloten. 
U hebt eveneens de mogelijkheid om de individuele premie te prefinancieren, waardoor de individuele voortzetting niet zal gebeuren aan de premie overeenstemmend met de leeftijd die u hebt op het moment van vertrek, maar aan de premie die overeenstemt met de leeftijd die u had op het moment dat u begon met de prefinanciering.
Tenslotte kan u ook tegen een aantrekkelijke prijs uw gezinsleden mee laten opnemen in de hospitalisatieverzekering. Alle informatie vindt u op onze website.
 

Tussenkomst werkgever behalen rijbewijs C/CE

Voor de werkgevers is (via een speciaal aanvraagformulier en de nodige bewijsstukken) een tussenkomst voorzien van het Sociaal Fonds Transport en Logistiek, in de kosten die ze betaald hebben voor het behalen van het rijbewijs C en/of CE door werknemers die al dienst zijn én door werknemers die pas in dienst zullen komen na het behalen van hun rijbewijs (ingeschreven werkzoekenden)
Het betreft de volgende opleidingen:
  • De wettelijk verplichte basisopleiding bij een rijschool en de wettelijke examens voor het behalen van een rijbewijs C
  • De wettelijk verplichte basisopleiding bij een rijschool en de wettelijke examens voor het behalen van een rijbewijs CE
  • Het behalen van de basiskwalificatie vakbekwaamheid groep C
De werkgever kan de financiële tussenkomst ook bekomen indien deze opleidingen behaald werden via VDAB/FOREM-ACTIRIS/Bruxelles formation of ADG ….
Het is de werkgever die hiervoor de noodzakelijke stappen moet ondernemen. Hij kan de tussenkomst ook enkel aanvragen indien hij kan bewijzen dat de chauffeur uiterlijk 4 maanden na het behalen van het rijbewijs als arbeider in dienst is getreden bij een bedrijf uit de sector. Hij dient evenwel niet meer aan te tonen dat de betrokken arbeider(s) minimum 6 maanden na het behalen van hun rijbewijs in de sector gewerkt hebben.
 

Tussenkomst voor werkgever in kosten medische schifting

Als de werkgever de kosten van de geneeskundige schifting voor zijn arbeiders betaalt, en dit in het kader van de geldigheid van hun rijbewijs C/CE, kan hij ook hiervoor een tussenkomst van het Sociaal Fonds aanvragen. 
Als je werkgever alle kosten in verband met de geneeskundige schifting heeft betaald, ontvangt hij een forfait van 104 euro. In dit geval dient hij bij de aanvraag gewoon een kopie van je nieuwe rijbewijs in.
Als je werkgever niet alle kosten heeft betaald, ontvangt hij respectievelijk:
  • 39,66 euro voor het oogonderzoek;
  • 42,14 euro voor het medisch onderzoek;
  • 20 euro retributie rijbewijs aan de gemeente.
     

Tussenkomst voor werkgever ADR-opleiding

De werkgever betaalt één keer per geldigheidsperiode van het ADR-opleidingsgetuigschrift afgeleverd aan zijn werknemers, de kosten voor hun ADR-opleiding(en) en/of –(her)examens op voorwaarde dat dit ADR-opleidingsgetuigschrift noodzakelijk is voor de uitoefening van hun functie en de geldigheidsduur ervan aanvangt tijdens of maximum 4 maanden vóór hun tewerkstellingsperiode.
Ook voor deze kosten kan de werkgever via een speciaal aanvraagformulier een tussenkomst bekomen van het sociaal fonds. Het  SFTL voorziet ook een éénmalige forfaitaire tussenkomst van 50 euro voor de ADR-opleiding van een niet-rijdende arbeider.
De uren van de ADR-opleiding gevolgd binnen of buiten het uurrooster worden betaald als 100% arbeidstijd (zie permanente vorming).
 

Opleidingsbudget

Jaarlijks kent het Sociaal Fonds Transport en Logistiek aan elk bedrijf uit de sector een opleidingsbudget toe. Het bedrijf kan dit aanwenden om opleidingen voor de arbeiders van het bedrijf te bekostigen. Dit budget wordt elk jaar opnieuw door het fonds berekend op basis van het aantal arbeiders dat in de firma tewerkgesteld is.
Om het opleidingsbudget te kunnen aanspreken, stuurt het bedrijf vooraf per opleiding een bedrijfsopleidingsplan ter goedkeuring op naar het SFTL. Indien in het bedrijf overlegorganen aanwezig zijn (ondernemingsraad of Comité Preventie en Veiligheid of syndicale afvaardiging), dient het hoogste overlegorgaan het bedrijfsopleidingsplan mee te ondertekenen zodat ook jouw vertegenwoordiger een zeg heeft in het soort van opleidingen die gegeven worden. Aangezien het hier enkel om permanente vorming gaat (ook belangrijk in het kader van de Europese Richtlijn inzake de vakbekwaamheid die om de 5 jaar een opleiding van 35uren permanente vorming verplicht), worden algemene vormingen uitgesloten.
De permanente vorming moet relevant zijn voor het beroep en de functie van de deelnemers en moet duidelijk tot doel hebben de professionele kwalificaties  van de werknemers te verhogen. De werkgever kan omtrent de inhoud van de vorming een keuze maken uit een bedrijfsgerichte vorming of uit verschillende vormingsmodules aangeboden door het sociaal fonds of door andere externe vormingsinstellingen. Het is bovendien niet langer verplicht om opleidingen uit te besteden aan externe organisaties, zij mogen ook door eigen personeel van het bedrijf gegeven worden.
De uren van deze permanente vorming worden door de werkgever betaald als arbeidsuren aan 100% van het reële uurloon (ook buiten de werkuren, bv. op zaterdag of andere rustdagen). De uren opleiding buiten de werkuren tellen echter  niet mee voor de berekening van de arbeidsduur.
 

Tussenkomst kosten syndicale vorming

Aantal dagen:  4 per jaar en per mandaat om deel te nemen aan de vormingscursussen die worden ingericht door de vakbonden.
Betaling per dag:                            
  • voor het voltijds rijdend personeel: 8 arbeidsuren + 2 beschikbaarheiduren
  • voor het voltijds niet-rijdend personeel: feestdagloon
  • proportioneel bedrag voor de deeltijdse werknemers
Voorwaarden:        
Elk effectief en plaatsvervangend lid van de ondernemingsraden, van de comités voor preventie en bescherming op het werk en van de vakbondsafvaardigingen heeft jaarlijks per mandaat recht op vier (4) dagen door zijn werkgever betaalde afwezigheid om deel te nemen aan de vormingscursussen die worden ingericht door de vakbonden.
De dagen recht op syndicale vorming kunnen voor de effectieve mandatarissen per bedrijf en per syndicale organisatie worden samengevoegd zodat de effectieve mandatarissen die hun normaal aantal dagen syndicale vorming reeds uitgeput hebben, toch nog dagen kunnen opnemen indien andere effectieve mandatarissen van hun syndicale organisatie het aantal dagen waarop ze recht hebben niet of niet geheel opnemen. Dit mag echter slechts leiden tot maximum 6 dagen recht op syndicale vorming per jaar en per mandaat.
 
Je werkgever kan voor deze dagen een terugbetaling aanvragen bij het Sociaal Fonds. Ook de patronale lasten worden hem terugbetaald.
De aanvraag (ondertekend door de Algemeen Sectorverantwoordelijke van ACV-Transcom) moet minimum 14 dagen voor de geplande afwezigheid aan de werkgever overgemaakt worden.
 

Tussenkomst kosten afgifte bestuurderskaart digitale tachograaf

Je werkgever kan ook een tussenkomst van het Sociaal Fonds aanvragen in de aankoopkost van de bestuurderskaart voor de digitale tachograaf en dit voor al zijn werknemers die, op het ogenblik van de uitreiking van de bestuurderskaart reeds als arbeider tewerkgesteld zijn in de sector. Deze tussenkomst kan 1 keer per geldigheidsperiode (5 jaar) bekomen worden.

Psychologische begeleiding

Agressie, (gewapende) overval, verkeersongeval, inbraak, gijzeling … allemaal gebeurtenissen die kunnen leiden tot een psychotrauma. Stressreacties kunnen dagen, weken, zelfs maanden voortduren en slachtoffers ernstig hinderen in hun functioneren.  Arbeiders uit de sector transport en logistiek die met dergelijke schokkende gebeurtenissen geconfronteerd werden, kunnen voor psychologische begeleiding bij de verwerking ervan beroep doen op de diensten van  een gespecialiseerd bedrijf (IVP/POBOS). 
Alle werknemers van de sector ontvangen een geplastificeerde kaart met het telefoonnummer van deze bijkomende dienst en met de gegevens betreffende de inschrijvingsprocedure.
Gratis noodoproepnummer 0800/11 0 11

Tweede pensioenpijler

Het pensioenplan wordt volledig gefinancierd door een patronale bijdrage van je werkgever, die 50 euro bedraagt per volledig kwartaal en rechtstreeks geïnd wordt door de RSZ (pro rata voor deeltijdsen of arbeiders die nog geen volledig kwartaal gewerkt hebben). 
Hoe wordt je 2de pijlerpensioen opgebouwd ?
De bijdragen voor het pensioenplan worden per kwartaal gestort op een speciaal voor jou opgerichte individuele rekening en zullen een uiteindelijk – bij wet bepaald – minimumrendement kennen van momenteel 3,25%. Je kan ten vroegste op de leeftijd van 60 jaar en op het moment dat je met pensioen of brugpensioen gaat, aanspraak maken op het voor jou opgespaarde pensioenkapitaal. Dit onder de vorm van een éénmalige storting of onder de vorm van een rente.
Wat gebeurt er bij vroegtijdig overlijden ?
Mocht je overlijden vóór je pensionering of brugpensionering, wordt aan je begunstigde(n) een overlijdenskapitaal uitgekeerd. Dit kunnen je partner, kinderen, kleinkinderen, testamentair begunstigden of wettelijke erfgenamen zijn (met uitsluiting van de Staat) of andere begunstigde(n) die je schriftelijk hebt meegedeeld. Indien er geen begunstigden zijn, blijven de verworven reserves in Pensio TL. Ook het overlijdenskapitaal kan uitgekeerd worden in een éénmalig kapitaal of onder de vorm van een rente.
Wat gebeurt er als je niet meer in de sector werkt ?
Wanneer je de sector verlaat en je niet opnieuw binnen de twee daaropvolgende kwartalen in dienst komt van een werkgever uit de transport- of logistieke sector, zijn er een aantal mogelijkheden :
  • je kan je verworven reserves (indien nodig aangevuld tot het wettelijk gewaarborgd bedrag- cfr 3,25%) overdragen naar de pensioeninstelling van je nieuwe werkgever
  • je kan ze ook overdragen naar de onthaalstructuur van het sectoraal pensioenstelsel bij Integrale (daar geven we hierna meer uitleg over)
  • je kan ze overdragen naar een pensioeninstelling van je keuze
  • of je kan ze in Pensio TL laten. Dit gebeurt automatisch tenzij je één van de voorafgaande keuzes schriftelijk hebt meegedeeld !
De onthaalstructuur bij Integrale
Wanneer je de sector verlaat, kan je aanspraak blijven maken op je opgebouwde pensioenrechten (natuurlijk pas bij pensionering of brugpensionering en ten vroegste vanaf je 60 jaar) indien je minstens een jaar in de sector tewerkgesteld was. De syndicale en patronale organisaties binnen het Sociaal Fonds van de sector transport en logistiek hebben met de “Integrale” een verzekeringsovereenkomst afgesloten om desgewenst, indien je de sector verlaat of binnenkomt, een aantal taken over te nemen inzake de correcte uitvoering en het beheer van de voor jou verworven reserves. Dit namelijk in de volgende gevallen:
  • als je het beheer van de reserves die je opbouwde bij een werkgever of meerdere werkgevers uit een andere sector, wenst over te dragen naar Pensio TL
  • als je de sector verlaat en je bij uittreding of erna, je verworven reserves wenst over te dragen naar de onthaalstructuur zelf
  • voor het beheer van de uitkering in rente als je hiervoor kiest en het pensioen- of overlijdenskapitaal dus niet in één keer wenst op te nemen
  • voor het beheer van een eventuele individuele voortzetting van de aanvullende pensioenopbouw indien je de sector verlaat (en er voor jou dus geen patronale inning vanuit de sector meer gebeurt)
Opting out
Werkgevers die op het niveau van hun onderneming voor al hun arbeiders reeds een eigen pensioenplan organiseerden dat minstens evenwaardig is aan het sectoraal aanvullend pensioenstelsel, konden dit eigen pensioenstelsel verderzetten. Om van deze vrijstelling te kunnen (blijven) genieten, moeten zij wel jaarlijks de (blijvende) gelijkwaardigheid van hun ondernemingsplan bewijzen aan de hand van een zogenaamd 'actuarisattest'.
 

Competentiepas

De competentiepas is een document dat door de werkgever voor de arbeider wordt bijgehouden gedurende de periode van zijn tewerkstelling. De arbeider ontvangt elk jaar samen met de individuele rekening een kopie van zijn competentiepas, waarop hij correcties kan aanbrengen of andere opleidingen kan toevoegen. Ook bij je uitdiensttreding krijg je een exemplaar samen met je sociale documenten (C4, vakantieattest, …). Op de competentiepas staan:
  • opleidingen binnen maar ook buiten de normale werkuren;
  • formele opleidingen;
  • of opleidingen “on the job” wanneer je op de werkplek vorming krijgt.