Wettelijk verlof

  • Het voltijds tewerkgesteld statutair personeelslid heeft recht op 24 dagen wettelijk verlof voor het lopende jaar. Het moet in dat jaar minstens één dag effectief gewerkt hebben. 
  • Het baremiek en niet-baremiek contractueel personeelslid en de hulppostman met volledige prestaties het jaar voordien (het zogenaamde vakantiedienstjaar) heeft recht op 20 dagen wettelijk verlof in het lopende jaar (het zogenaamde vakantiejaar). 
Deze personeelsleden moeten hun volledig wettelijk verlof tijdens het lopende kalenderjaar (uiterlijk 31 december) opnemen waarvan een minimum aantal wettelijke verlofdagen in rolverlof. De opname van een minimum aantal wettelijke verlofdagen in rolverlof geldt niet voor het niet-baremiek contractueel personeel. Het tegoed aan wettelijke verlofdagen kan dus niet worden overgedragen naar het volgend kalenderjaar. Heb je evenwel als statutair of contractueel personeelslid op 31 december nog een tegoed aan wettelijke verlofdagen dan worden deze uitbetaald op voorwaarde dat je gedurende de laatste 3 maanden van het kalenderjaar meer dan 20 werkdagen afwezig was wegens moederschapsrust, wegens ziekte of een ongeval buiten dienst evenals wegens een arbeidsongeval of een ongeval op de weg van of naar het werk. 
Volgende afwezigheidsperiodes worden niet beschouwd als prestaties : 
  • ongewettigde afwezigheid; 
  • verlof zonder wedde; 
  • voltijdse of deeltijdse loopbaanonderbreking; 
  • verlof voor verminderde prestaties wegens persoonlijke aangelegenheid (niet voor niet-baremiek contractueel personeel); 
  • onbezoldigd uitzonderlijk verlof; 
  • tuchtschorsing (enkel voor statutair personeel); 
  • afwezigheid van meer dan 182 kalenderdagen van een verlof voor verminderde prestaties wegens ziekte of gebrekkigheid (enkel voor statutair personeel). 
Het aantal dagen wettelijk verlof wordt opnieuw berekend als in de loop van het huidige jaar je werkregime verandert. Bij de herberekening wordt naar boven afgerond voor het statutair personeel en naar beneden voor het baremiek en niet-baremiek personeel en de hulppostmannen. Een statutair personeelslid heeft recht op wettelijke verlofdagen op basis van de prestaties van het lopende jaar. 
Bij verandering van werkregime wordt de volgende formule gebruikt : 24 x aantal werkdagen x werkregime / 260 
Neem een statutair personeelslid dat vanaf 1 april 2017 van voltijds naar 4/5de overschakelt en vanaf 1 oktober 2017 naar halftijds : 
WerkregimePeriodeAantal dagen wettelijk verlof 
Voltijds (100%)1.01.2017 tot 31.03.201724 x 64 x 1 = 5,91 / 260 
4/5de (80%)1.04.2017 tot 30.09.201724 x 131 x 0,8 = 9,67 / 260 
1/2de (50%)1.10.2017 tot 31.12.2017  24 x 66 x 0,5 = 3,04 / 260 
Totaal 18,62 => 19 

Voor een contractueel personeelslid gebeurt de herberekening van het aantal wettelijke verlofdagen rekening houdend met het laatste gekende arbeidsregime en het aantal reeds genomen verlofdagen. 
Neem een contractueel personeelslid dat op basis van zijn prestaties in 2016 recht heeft op 18 dagen wettelijk verlof. In 2017 wijzigt het zijn werkregime. 

WerkregimePeriode Aantal weken te nemen volgens het werkregime Aantal te nemen dagen wettelijk verlof  Aantal genomen dagen wettelijk verlof Aantal genomen weken
Voltijds (100%)  01.01.2017-31.03.2017Max 418 dagen3 dagen 3 : 5 = 0,6
 4/5de (80%) 01.04.2017- 30.09.20173,4 (4 – 0,6)13 dagen10 dagen10 : 4 = 2,5 2,5 x 0,6 = 3,1
 Voltijds (100%)01.10.2017- 31.12.2017 0,9 (4 - 0,6 -2,5)4 (0,9 x5) dagen4 dagen4
  
In 2017 heeft dit personeelslid 17 dagen genomen (3 + 10 + 4). 1 dag zal worden uitbetaald.